
Beleggen portfolio update april 2026: ETF wint, groei daalt, kopen of wachten?
April 2026 laat opnieuw zien waarom beleggen nooit alleen om rendement draait, maar ook om gedrag, discipline en context. De ene strategie presteert opvallend sterk, terwijl de andere strategie juist stevig onder druk staat. Dat voelt ongemakkelijk, maar het hoort bij lange termijn beleggen. Verschillende stijlen, sectoren en thema’s reageren nu eenmaal anders op geopolitieke spanningen, olieprijzen, inflatievrees en onzekerheid over renteverlagingen.
In deze beleggen portfolio update van april 2026 zien wij een gemengd maar leerzaam beeld. De ETF-strategie blijft sterk outperformen ten opzichte van VWRL. De dividendstrategie houdt zich goed staande en staat nog steeds in de plus. De groeistrategie heeft het duidelijk moeilijker, maar doet het ondanks de stevige daling nog altijd iets beter dan de benchmark. Dat klinkt tegenstrijdig, maar laat juist zien waarom je als belegger altijd verder moet kijken dan alleen rood of groen op je scherm.
Voor beleggers die simpel met vertrouwen willen beleggen voor financiële vrijheid, zit de waarde van deze update daarom niet alleen in de cijfers. De echte waarde zit in de lessen daarachter: hoe je prestaties vergelijkt, waarom volatiliteit niet hetzelfde is als risico, en hoe je rust bewaart wanneer markten onrustig worden.
Strategie | Rendement | Benchmark | Kernles |
ETF-strategie | ca. +15% | VWRL: rond 0% | Actieve thema-ETF’s kunnen outperformen, zolang spreiding en discipline behouden blijven. |
Dividendstrategie | ca. +5,2% | Dividendbenchmark: rond -1% | Dividend kan in onrustige markten voor meer stabiliteit zorgen, ook als niet alles tegelijk meezit. |
Groeistrategie | ca. -8% | Groei benchmark: rond -10% | Een forse daling hoeft niet te betekenen dat de strategie slecht is; context en benchmark blijven cruciaal. |
Disclaimer: dit artikel bevat geen persoonlijk advies. Beleggen kent risico’s tot geldverlies.
Dit kun je verwachten van onze portfolio update april 2026
In deze update bespreken wij eerst wat de drie strategieën in april 2026 laten zien en waarom alleen naar rood of groen kijken te simpel is. Daarna zoomen wij in op de sterke ETF-prestaties, het nut van winst nemen zonder te gaan timen, en de rol van dividend in een lastige markt. Vervolgens leggen wij uit waarom groeiaandelen het nu moeilijk hebben, waarom volatiliteit niet hetzelfde is als risico, en hoe je kunt nadenken over kopen of wachten bij dalingen. Tot slot bespreken wij waarom benchmarks onmisbaar zijn, waarom goudmijnbedrijven extra voorzichtigheid vragen, en welke lessen beleggers hieruit kunnen meenemen voor hun eigen portefeuille.
Beleggen portfolio update april 2026: wat laat deze maand zien?
De maandupdate laat drie duidelijke dingen zien. De ETF-strategie staat sinds de start in oktober op ongeveer 15% rendement en laat daarmee een grote voorsprong zien op VWRL, dat in dezelfde periode rond de 0% noteert. De dividendstrategie staat op ongeveer 5,2% totaalrendement inclusief dividendinkomsten en doet het beter dan de gekozen dividendbenchmark, die rond de 1% in de min staat. De groeistrategie staat ongeveer 8% lager, maar ligt nog steeds iets boven de benchmark, die rond de 10% in de min noteert.
En precies daar gaat het bij veel beleggers mis. Wie alleen naar de kleur rood kijkt, denkt al snel dat er iets mis is. Maar een daling op zichzelf zegt weinig. De echte vraag is: hoe doet de markt het, hoe doet jouw benchmark het, en presteert jouw strategie werkelijk slechter dan vergelijkbare alternatieven?
Dat onderscheid is cruciaal. Als groeiaandelen als thema onder druk staan door hogere olieprijzen, geopolitieke spanningen, inflatievrees en onzekerheid over renteverlagingen, dan is het logisch dat een groeistrategie daalt. Dat hoeft niet te betekenen dat de strategie slecht is. Het kan ook betekenen dat de stijl tijdelijk tegenwind heeft.
Voor ons is dat een belangrijk uitgangspunt van verstandig beleggen. Niet reageren op losse koersbewegingen, maar beoordelen of de strategie nog klopt. Simpel beleggen betekent niet dat alles altijd rustig stijgt. Het betekent dat je begrijpt wat je bezit, waarom je het bezit en hoe dat past binnen jouw doel richting financiële vrijheid.
Waarom de ETF-strategie in april 2026 zo sterk presteert
De ETF-strategie is op dit moment de uitblinker binnen deze update. Sinds de start in oktober staat deze strategie op ongeveer 15% rendement, terwijl VWRL in dezelfde periode ongeveer vlak noteert. Dat is een sterk verschil in een relatief korte periode.
Die outperformance komt niet uit de lucht vallen. Volgens de update is de strategie bewust opgebouwd rond thema’s zoals value, basic materials en energie. Dat zijn juist de delen van de markt die de afgelopen periode relatief sterk hebben gepresteerd. Denk aan oliegerelateerde beleggingen en grondstoffenthema’s die profiteerden van geopolitieke onrust en stijgende energieprijzen.
Dat maakt meteen iets duidelijk. Een ETF-portefeuille hoeft geen saaie kopie van de wereldindex te zijn. Je kunt ook met ETF’s een actievere allocatie kiezen, zolang de spreiding behouden blijft. In deze strategie zitten meer dan 10 ETF’s en daarmee duizenden onderliggende aandelen. Het accent ligt op bepaalde thema’s, maar de spreiding blijft breed.
Juist dat maakt deze aanpak interessant voor beleggers die meer willen dan alleen marktgemiddeld rendement, maar toch eenvoud waarderen. In plaats van tientallen individuele aandelen te volgen, kun je via ETF’s een bredere strategie opbouwen met duidelijke accenten.
Wel is het belangrijk om realistisch te blijven. Een sterke periode van vijf of zes maanden is nog veel te kort om grote conclusies te trekken. Pas over meerdere jaren wordt echt zichtbaar of een strategie structureel waarde toevoegt. De les is dus niet dat deze aanpak nu al bewezen is, maar wel dat actieve accenten binnen ETF’s tijdelijk veel verschil kunnen maken.
Winst nemen zonder markt te timen: les uit de ETF-strategie
Een van de meest leerzame onderdelen uit deze update is het stuk over winst nemen. Binnen de ETF-strategie was er een grote positie in goudmijnbedrijven, onder meer via de VanEck Gold Miners ETF. Die positie liep in relatief korte tijd op van ongeveer 10% winst naar 18% tot 20% rendement. Op dat moment is een deel van de winst genomen.
Veel beleggers denken dat winst nemen automatisch betekent dat je de markt probeert te timen. Maar dat hoeft niet zo te zijn. Als een positie in korte tijd uitzonderlijk hard stijgt, kan de weging in je portefeuille te groot worden. Dan kan het verstandig zijn om een deel af te romen en het geld te herverdelen.
Dat is precies wat hier gebeurde. Een deel van de winst is geheralloceerd naar andere thema’s om de strategie meer in balans te brengen. Daarmee wordt de portefeuille evenwichtiger en daalt de afhankelijkheid van één thema. Dat is geen paniekverkoop en ook geen voorspelling dat de markt gaat dalen. Het is vooral risicobeheer.
Voor lange termijn beleggers is dat een nuttige les. Beleggen gaat niet alleen over kopen en vasthouden. Het gaat ook over het bewaken van verhoudingen. Wanneer een positie te groot wordt, verandert ongemerkt ook het risicoprofiel van de portefeuille. Door af en toe te herbalanceren, houd je meer controle.
Vertrouwen komt niet uit hoop. Vertrouwen komt uit een systeem. Wie vooraf weet hoe hij omgaat met sterke stijgers, diepe dalingen en veranderende wegingen, neemt vaak betere beslissingen.
Dividendstrategie april 2026: degelijk rendement in een moeilijke markt
De dividendstrategie laat een degelijker beeld zien. Deze portefeuille bevat ongeveer 20 tot 40 dividendaandelen, met momenteel rond de 30 posities. Het idee is helder: winnaars mogen langzaam groter worden, terwijl zwakkere posities op termijn minder zwaar gaan meewegen of worden afgebouwd.
Ook hier is de aanpak relatief rustig. Er worden niet voortdurend transacties gedaan. Twee of drie transacties per maand is volgens de update al aan de ruime kant. Soms gebeurt er zelfs maandenlang niets. Dat laat zien dat deze strategie wel selectief is, maar nog steeds duidelijk langetermijngericht.
Qua resultaat staat de dividendstrategie op ongeveer 5,2% totaalrendement, inclusief dividendinkomsten. Daarmee doet zij het beter dan de gekozen benchmark, die rond de 1% in de min staat. Tegelijk wordt ook eerlijk benoemd dat er andere dividend-ETF’s zijn die het in deze periode mogelijk nog beter deden.
Die eerlijkheid vinden wij sterk. Goed beleggen draait niet om jezelf mooier voordoen dan nodig is. Het draait om nuchter evalueren. De dividendstrategie doet het beter dan de benchmark, maar niet zó sterk dat er reden is voor overdreven tevredenheid.
Een rem op de performance was de allocatie naar goudaandelen. Sommige van die posities daalden stevig, ondanks hun dividenduitkering. Toch lijkt inmiddels ook herstel zichtbaar te worden. Dat laat opnieuw zien dat rendement nooit in een rechte lijn verloopt. Zelfs binnen een strategie die relatief defensief oogt, kunnen thema’s tijdelijk tegenvallen.
Dividend is daarmee misschien minder spectaculair dan groei, maar kan juist in onrustige markten rust geven.
Waarom groeiaandelen in april 2026 hard zijn gedaald
De groeistrategie is in deze update de duidelijke daler. De portefeuille staat ongeveer 8% in de min, na een terugval van meer dan 10% over drie maanden. Dat zijn pijnlijke cijfers, maar ze moeten wel in context worden gelezen.
De benchmark staat in dezelfde periode namelijk rond de 10% lager. De strategie doet het dus nog steeds iets beter dan de gekozen groeimaatstaf. Dat maakt de daling niet prettig, maar wel beter te begrijpen.
Groei heeft het op dit moment moeilijk. Niet per se omdat de gekozen aandelen slecht zijn, maar omdat de marktomgeving ongunstig is voor dit type bedrijven. In onzekere tijden verschuift aandacht vaak naar value, dividend, energie en defensievere sectoren. Groeiaandelen krijgen dan minder waardering, zeker als rentes minder snel dalen dan eerder werd gehoopt.
Dat mechanisme is logisch. Hogere olieprijzen vergroten de inflatievrees. Centrale banken worden voorzichtiger met renteverlagingen. En juist groeiaandelen zijn gevoelig voor rente, omdat een groter deel van hun waarde in toekomstige winstgroei zit. Als die toekomstige cashflows harder worden verdisconteerd, daalt de waardering sneller.
Toch betekent dit niet automatisch dat groeiaandelen oninteressant zijn. In de update wordt juist benadrukt dat veel bedrijven in de strategie fundamenteel zijn geselecteerd op kwaliteit, management, concurrentievoordelen en lange termijn groeipotentieel. De daling lijkt dus vooral samen te hangen met sentiment en marktmomentum.
Dat is een cruciaal onderscheid. Als de fundamentele case nog overeind staat, kan een scherpe daling juist een interessanter instappunt creëren. De daling is pijnlijk, maar zegt nog niet dat de strategie faalt. Het zegt vooral dat groei op dit moment tegenwind heeft.
Volatiliteit versus risico bij beleggen: wat is het echte verschil?
Misschien wel de belangrijkste les uit deze hele update is het verschil tussen volatiliteit en risico. Korte termijn koersdalingen voelen vervelend, maar zijn niet automatisch hetzelfde als echt risico.
Volatiliteit betekent dat koersen schommelen. Soms hard. Dat hoort bij beleggen, zeker bij groeiaandelen of thematische ETF’s. Maar een lagere koers vandaag betekent nog niet dat je kapitaal definitief weg is.
Werkelijk risico zit vooral in permanent verlies van kapitaal. Bijvoorbeeld als je al je geld in één speculatief aandeel stopt en dat bedrijf uiteindelijk structureel faalt. Of als je tegen absurd hoge waarderingen koopt zonder veiligheidsmarge. Of als je in paniek verkoopt op precies het verkeerde moment en het herstel daarna mist.
Een koersdaling is vervelend. Permanent kapitaalverlies is gevaarlijk. Dat verschil is essentieel.
Zodra je dat begrijpt, kijk je anders naar marktcorrecties. Niet elke daling is een reden tot paniek. Soms zijn het juist de momenten waarop dezelfde goede beleggingen goedkoper beschikbaar komen. Dat betekent niet dat je blind elke dip moet kopen. Kwaliteit, waardering en spreiding blijven belangrijk. Maar het helpt wel om rustiger te blijven wanneer de markt beweegt.
Kopen of wachten bij een beursdaling in 2026?
De centrale vraag uit de update is logisch: kopen of wachten? Het eerlijke antwoord is dat niemand dat met zekerheid weet. Achteraf zie je altijd pas of een dip een koopkans was of het begin van een verdere daling.
Toch geeft de update wel een nuttige denkrichting. Bij brede, kwalitatieve strategieën en sterke bedrijven zijn dalingen van 10% of meer vaak momenten om serieus naar bijkopen te kijken. In de video wordt dat ook concreet gemaakt. Een dip van 10% geldt als een normaal terugvalmoment. Een correctie van 15% tot 20% als een zwaardere fase. En een crash van 50% als een situatie waarin je juist agressiever wilt durven kopen, mits de kwaliteit en spreiding overeind blijven.
Dat is geen garantie op snelle winst. Het is een gedragsregel voor de lange termijn. De beste kansen voelen op het moment zelf vaak juist ongemakkelijk. Veel beleggers wachten te lang, omdat kopen tijdens onrust emotioneel lastig is.
Voor veel beleggers is daarom niet de vraag of zij de bodem perfect kunnen timen, maar of zij een systeem hebben om gefaseerd bij te kopen. Bijvoorbeeld door bij grotere dalingen stapsgewijs cash in te zetten, of door maandelijks consequent te blijven investeren.
Voor wie dit lastig vindt, blijft een wereldwijde ETF een sterke basis. Daarmee voorkom je dat je te afhankelijk wordt van één thema, sector of keuze. Zeker voor beginners blijft dat vaak de rustigste route.
Optionele tip om kosten te besparen (promotie van wat wij zelf gebruiken): koop je aandelen of ETF's in dollar-valuta? Let dan op de (conversiekosten). Wij investeren zelf via het platform MEXEM. Zij hanteren zeer lage conversiekosten vanaf 0,005% en transactiekosten vanaf 1 euro en bv. slechts $0,005 USD per aandeel. Daarnaast kan je tot twee ETF's per maand commissievrij kopen. Hebben ze het grootste aanbod van aandelen en ETF's, en een behulpzame klantenservice die ook écht bereikbaar is.
Waarom benchmarks belangrijk zijn voor beter beleggen op de lange termijn
Een ander sterk punt uit deze update is de nadruk op benchmarks. Veel particuliere beleggers hebben daar te weinig aandacht voor. Zij kijken alleen naar hun eigen rendement, zonder dat te vergelijken met een relevant alternatief.
Maar juist die vergelijking vertelt je of jouw strategie werkelijk waarde toevoegt. Als jouw portefeuille 5% daalt terwijl de benchmark 12% daalt, dan heb je relatief goed gepresteerd. Andersom geldt ook: als jouw portefeuille 4% stijgt terwijl een simpele goedkope ETF 10% stijgt, dan moet je kritisch zijn.
Binnen deze update worden drie benchmarks gebruikt: VWRL voor de ETF-strategie, een dividend-ETF voor de dividendstrategie en de Vanguard Growth ETF voor de groeistrategie. Dat maakt de vergelijking eerlijker. Je vergelijkt elke strategie met een passend alternatief.
Dat is een belangrijke discipline. Actief beleggen heeft alleen zin als het op termijn een duidelijke meerwaarde oplevert. Anders is een simpele indexoplossing vaak verstandiger. Zonder benchmark ontbreekt een belangrijk kompas.
Goudmijnbedrijven en goud ETF’s: koopkans of extra risico?
In het laatste deel van de update wordt ingezoomd op goud en goudmijnbedrijven. Dat is interessant, omdat goud eerder sterk profiteerde van onzekerheid, terwijl het thema recent flink is teruggevallen. De Gold Miners ETF daalde fors vanaf de piek, ondanks dat de langere trend nog niet volledig gebroken lijkt.
Dan ontstaat vanzelf de vraag: is dit een koopkans, of juist een waarschuwing? Het eerlijke antwoord blijft dat dit lastig is. Goudmijnbedrijven zijn cyclisch. Hun winstgevendheid hangt sterk samen met de goudprijs, en die beweegt grillig. Daardoor zijn deze bedrijven moeilijker te beoordelen dan stabiele kwaliteitsbedrijven met voorspelbare kasstromen.
In de update worden namen genoemd zoals Barrick Mining, Agnico Eagle Mines en Newmont. Sommige waarderingsmaatstaven ogen aantrekkelijk, maar daar zit meteen ook de valkuil. Cyclische aandelen lijken vaak goedkoop op het moment dat de winst hoog is. Juist daarom is voorzichtigheid hier verstandig.
De belangrijkste les is dus niet alleen iets over goud, maar vooral over denken. Kijk verder dan de koers. Kijk verder dan één lage ratio. Niet elk goedkoop aandeel is automatisch veilig.
Welke lessen beleggers uit deze portfolio update kunnen halen
De grootste waarde van deze portfolio update zit niet alleen in de cijfers, maar vooral in de lessen voor gedrag. Uiteindelijk bepaalt gedrag bij veel beleggers meer van het resultaat dan perfecte selectie.
- De eerste les is dat je jouw strategie moet begrijpen. Weet je waarom je in groei zit? Begrijp je waarom dividend zich anders gedraagt dan technologie? En weet je hoe jouw ETF-portefeuille is opgebouwd?
- De tweede les is dat benchmarks onmisbaar zijn. Alleen zo kun je eerlijk beoordelen of je goed bezig bent.
- De derde les is dat volatiliteit erbij hoort. Koersschommelingen zijn niet fijn, maar wel normaal.
- De vierde les is dat spreiding de basis blijft. Niet alleen over aandelen, maar ook over thema’s, sectoren en stijlen.
- De vijfde les is dat timing vaak wordt overschat. Een consequent systeem is meestal belangrijker dan de perfecte bodem.
Wie deze principes volgt, maakt beleggen simpeler. Niet altijd makkelijker in emotionele zin, maar wel helderder en beter vol te houden.
Conclusie portfolio update april 2026: ETF wint, groei daalt, wat nu?
Deze update laat goed zien hoe verschillend strategieën zich binnen dezelfde markt kunnen gedragen. De ETF-strategie loopt stevig voor op VWRL en is op dit moment de duidelijke uitblinker. De dividendstrategie blijft degelijk overeind en verslaat de benchmark. De groeistrategie heeft het zwaar, maar doet het ondanks de daling nog steeds iets beter dan de gekozen maatstaf.
Voor ons zit de belangrijkste boodschap niet in losse percentages, maar in de houding erachter. Rustig blijven. Context blijven zien. Volatiliteit niet verwarren met echt risico. En telkens teruggaan naar de basis: spreiding, kwaliteit, waardering en discipline.
Dat is waar simpel met vertrouwen beleggen voor financiële vrijheid om draait. Niet om elke maand perfect te scoren, maar om een proces te volgen dat logisch en houdbaar is. Wie dat accepteert, gespreid blijft beleggen en zijn gedrag onder controle houdt, vergroot zijn kans op succes op de lange termijn aanzienlijk.
Wie zelf in aandelen of ETF’s belegt, doet er daarnaast goed aan ook op kosten te letten. Zeker bij aankopen in dollar kunnen valutakosten op lange termijn onnodig rendement kosten. Wij investeren zelf via MEXEM, onder meer vanwege de lage transactiekosten en brede toegang tot internationale markten.
Disclaimer: Happy Investors BV geeft geen beleggingsadvies. Wij zijn geen professioneel beleggingsadviseur en niet op de hoogte van uw persoonlijke financiële situatie. Beleggen kent risico's tot geld verlies, en blijft uw eigen verantwoordelijkheid. Lees de volledige disclaimer. Dit artikel kan affiliate links bevatten, dit zijn partnerlinks waarvoor wij eventueel een vergoeding krijgen voor klikgedrag. Dit kost jou niks extra’s (vaak krijg je zelfs korting via onze links).











